Ik had het genoegen te mogen spreken met Pieter De Koekelaere, zoon van diegene die verantwoordelijk was voor de heropleving van de geutelingentraditie in Elst. Hij zet nu zelf de traditie van zijn vader voort, namelijk het bakken van geutelingen en het organiseren van geutelingenfeesten.

Dit is het mooie relaas van Pieter De Koekelaere, die kon weergeven hoe deze traditie – waar ik ieder jaar aan deelneem – is ontstaan. Het is altijd leuker om de geschiedenis te horen van iemand die geboren en getogen is in een dorp met traditie en die dit met veel enthousiasme en liefde in ere wil houden. Wij laten het ons ondertussen smaken.

Na WOII, toen alles kapot was gemaakt en leeggeroofd (tot het laatste varken toe) en toen alles braak lag en men werkelijk niets meer had, kwam de industrialisering terug op gang. De boeren moesten toen ook naar de fabriek, en alle boerenhoven bleven achter en verkommerden. De mensen bakten geen brood meer en de broodoventjes verdwenen. Geen oven wou ook zeggen: geen geutelingen. Maar een paar gezinnen hielden de traditie staande. Sindsdien werd het gieten van geutelingen gedaan op één dag, namelijk op 9 februari, de feestdag van Apollonia. Waarom? Men vertelt dat vanaf 1900 mensen op bedevaart kwamen naar Elst, om daar te bidden tot de Heilige Apollonia om hen te verlossen van hun tandzeer. Aangezien bedevaarders ook moeten eten bakten de bewonders van Elst geutelingen. Iedereen in de streek wist dus nog wat geutelingen waren, maar ze werden bijna niet meer gegoten. In de jaren ’70 toen de KSA geld nodig had, wilden ze geutelingen verkopen in plaats van pannenkoeken. Sommigen in de leiding hadden nog een oven en ze waren langs geweest bij gezinnen in Elst die nog geutelingen konden bakken om daar “in de leer” te gaan. Spijtig genoeg waren de geutelingen niet meteen een groot succes, onder andere omdat iedereen zijn eigen recept had. Toen één van moeders van de leiding aan mijn grootmoeder Marieke vroeg of zij ze ook wou verkopen in de beenhouwerij, waren de geutelingen in een mum van tijd verkocht. Het jaar nadien werden er dubbel zoveel gebakken. Een kameraad van grootvader had zelf een oven gebouwd. De hele buurt leefde mee en hielp een handje. Bij de fusie van de gemeente Brakel in de jaren ’70 werd de straat van de beenhouwerij zelfs de Geutelingenstraat gedoopt. In dat straatje is dus de kiem gelegd voor de voortzetting en heropleving van de geutelingentraditie. Daarna is mijn vader bondsleider geworden van de KSA. Hij organiseerde de geutelingenboerverkiezing en maakte veel promotie. Al zijn tijd ging daar naartoe. Op de cyclocross in Asper gingen werond met een bordje waarop er een verwijzing stond naar de geutelingen en hun feesten. Hij zei: “Als je een camera ziet, hou het er voor.” Toen maakte nog niemand reclame op die manier, maar het gezelschap ging zo voor de camera zitten tijdens de koers, tot frustratie van cameramannen met die “zever over geutelingen” in hun zicht. Maar het werkte. En later zijn die dan komen filmen bij grootvader — dat was toen “Het Huis Van Wantrouwen”. Iedereen had dat gezien en zo is de geutelingenworp gekomen …

Een leuk weetje om mee af te sluiten: Het spreekwoord “iets in de doofpot steken” is ook van toepassing op een (geutelingen)oven. Daaronder zat de “helle”, waar het hout werd gestoken om extra te drogen. Als je er onder moest kruipen om hout te halen, dan zat je in de helle. In de oven heb je langs weerskanten een vuur (om een brood te bakken, moet de temperatuur lager zijn dan bij geutelingen) dus moest je vroeger de oven opstoken, en dan het vuur er uit nemen en dit in een pot steken (de doofpot), de kooltjes die hieruit overbleven werden ‘s anderendaags gebruikt om een nieuw vuur aan te steken. Eventueel kon je er schavelingen over strooien en daar dan hespen over roken.

In Elst gaat nog steeds de oude volkswijsheid rond dat wie in Elst in een hete geuteling bijt, een gans jaar gevrijwaard is van tandpijn.

Hoe dan ook, we werken er ieder jaar aan om de Geutelingenfeesten in ere te houden en we verwerven bekendheid zelfs op plaatsen waarvan we niet wisten dat de geutelingen zo ver konden reiken. Zo was er eens een artikel over geutelingen in Limburg dat leidde tot toeristen uit Limburg. Er was zelfs eens een artikel in Japan dat de geutelingen vermeldde, wat wel grappig was.

De geuteling is ondertussen een erkend Vlaams streekproduct en krijgt meer bekendheid en we hopen zo deze lekkernij een vast bestaan te geven in onze cultuur en iedereen is welkom om te komen proeven.

Dus zak eens af naar het zompige dorpje Elst en wandel eens rond. Zwaai eens naar Apollonia en geniet van een warme geuteling — met of zonder tandpijn.

Leave a comment